08mei

DrieKamerModel maakt corporaties transparanter

 
Zoals bekend werkt Moonen veel in opdracht van woningcorporaties en vanzelfsprekend volgen we alle ontwikkelingen in corporatieland op de voet. Om als onderhoudspartner in het voortraject echte toegevoegde waarde te kunnen bieden, moet je hun taal spreken en vooral mee kunnen denken vanuit hun denkwereld en organisatie. Een eerdere blog begon met de tekst: corporaties moeten zich (Woningwet 2015) concentreren op het bouwen, verhuren en beheren van sociale huurwoningen en enkele andere maatschappelijke taken. De Woningwet 2015 noemt dit DAEB = diensten van algemeen economisch belang. DAEB-activiteiten zijn:
 
  • Bouw, verhuur en beheer van sociale huurwoningen
  • Beheer van maatschappelijk vastgoed
  • Investeren in leefbaarheid

Om optimaal te kunnen voldoen aan deze primaire taken maken corporaties als sturingskader steeds vaker gebruik van het DrieKamerModel. Doel van dit model is om transparant te maken hoeveel geld je als corporatie daadwerkelijk uitgeeft aan verschillende maatschappelijke doelen. Zo kun je met belanghebbenden de discussie aangaan of je je geld aan de juiste maatschappelijke thema’s uitgeeft. Om dit in beeld te brengen wordt het geld dat in een corporatie omgaat ingedeeld in drie kamers: de maatschappelijke, de vastgoed en de vermogenskamer. In de eerste plaats gaat het hierbij om effectiviteit, efficiëntie en financiële continuïteit . In het DrieKamerModel gebeurt dit door elk principe in een afzonderlijke kamer onder te brengen en vervolgens de onderlinge samenhang en interactie tot hun recht te laten komen. De drie kamers maken onderdeel uit van de corporatie en zijn op strategisch niveau onderling met elkaar verbonden als communicerende vaten.
 
  • Maatschappelijke kamer
    Hier komen de maatschappelijke uitgaven van de corporatie samen. De medewerkers in de maatschappelijke kamer bekijken aan welke maatschappelijke doelen zij het geld van de corporatie het beste kunnen uitgeven.
     
  • Vastgoedkamer
    Hier wordt gewerkt aan het efficiënt en effectief verhuren van woningen. Het doel van de vastgoedkamer is om zoveel mogelijk geld voor de corporatie binnen te halen. Daarbij wordt de vastgoedkamer afgerekend op het dividend dat zij aan de corporatie uitkeert. 
     
  • Vermogenskamer
    Dit is een soort tussenschakel tussen de vastgoedkamer en de maatschappelijke kamer. De vermogenskamer zorgt ervoor dat de geldstromen goed verlopen en dat er door het aantrekken van leningen steeds genoeg geld is om de uitgaven van de andere kamers te betalen. De vermogenskamer ontvangt het dividend van de vastgoedkamer. Na aftrek van algemene kosten, heffingen, belastingen, rente en het aflossen van leningen blijft er een maatschappelijk budget over dat naar de maatschappelijke kamer gaat.

Met het DrieKamerModel als sturingsinstrument zijn corporaties transparanter en kunnen de presentaties op kerntaken makkelijker worden beoordeeld (in- en extern). Als partners op gebied van onderhoud en renovatie kijken we mee naar de invulling van projecten en maken waar nodig zaken bespreekbaar bij de corporatie. In de oude situatie stond een budget vast en was er geen speelruimte om extra voorzieningen aan te brengen binnen projecten. Nu maken we zaken bespreekbaar met de corporatie en kijken samen naar de beste budgettaire oplossing. Een aardig voorbeeld van hoe dat werkt is een renovatie van een appartementen complex met veel bewoners op leeftijd. Om de appartementen optimaal toegankelijk te maken voor senioren, rolstoel- en rollatorgebruikers, moest de galerijvloer fors worden opgehoogd. Dit viel ruimschoot buiten de doelstelling van zowel de renovatie als van de begroting. Vanwege het maatschappelijk voordeel voor de bewoners zijn de kosten voor deze voorziening in overleg met de corporatie ondergebracht in de maatschappelijk kamer. Hiermee is dit een maatschappelijk doel geworden in plaats van een onderdeel op de onderhoudsbegroting, waardoor het onderhoudsproject binnen begroting is gebleven.

Het DrieKamerModel maakt het makkelijker voor ons om positief mee te denken met de doelstellingen en ambities van de corporaties waarvoor we werken. Creatief zijn helpt, maar je moet wel dezelfde taal spreken om strategisch mee te kunnen denken over vastgoedbeleid op lange termijn en de beste onderhoud en renovatie oplossingen.